Website ahaa.nl Annemarijn Haarink

Ik mocht de tekst verzorgen voor de site van Annemarijn Haarink, allround briljant vormgever en architect. Ik heb geprobeerd haar werk eer aan te doen door zo min mogelijk op te schrijven en daar waar tekst nodig was, deze zo AHAA mogelijk te schrijven.

Ik was zo aardig om dit artikel van Mark Manson te vertalen en hij was zo aardig om mij de vertaling te laten posten.

 

Door Mark Manson

Het afgelopen jaar is het me gelukt om, ondanks de honderden verzoeken, de verleiding te weerstaan een stuk aan Donald Trump te wijden, of aan de vertraagde kettingbotsing die we kennen als de huidige Amerikaanse presidentsverkiezingen. Best knap, al zeg ik het zelf.

Tot nu toe.

Eerst bleef ik weg van de aantrekkingskracht van Trumps narcistische publiciteitsmolen vanwege het volgende:

  1. Er is al zoveel te vinden oven hem en hoe verschrikkelijk hij is als presidentskandidaat, dat ik niet het gevoel had daar iets aan toe te kunnen voegen dat niet al gezegd was door mensen met meer kennis van zaken dan ik.
  2. Hij krijgt al teveel aandacht en publiciteit. Echt waar, weg ermee, klaar. Maar het allerbelangrijkste:
  3. Trump is een gevolg, niet een oorzaak. Je wordt geen lijsttrekker vanwege je kwaliteiten. Je wordt het omdat je kennelijk de meningen en gedachten van miljoenen mensen vertegenwoordigd. Er hangt een nare putstank onder het oppervlak van hedendaagse maatschappij. Het verschijnsel Trump is daaruit ontstaan en niet andersom. Volgens mij heeft de man zelf niets noemenswaardigs of unieks.1

Dus meed ik het onderwerp. Ik probeer op deze site weg te blijven van politiek en kaart universele thema’s aan.

Maar een paar dagen geleden zapte ik langs het republikeinse partijcongres en ervaarde dit zoals een tiener die stiekem zijn eerste sigaretjes rookt, of een schoolvriendinnetje dat anale seks uitprobeert, met een onschuldige nieuwsgierigheid die al snel plaatsmaakt voor shock, paniek en intense pijn.

Wat me het sterkst is bijgebleven is het doorlopende betoog dat de wereld is veranderd in een gevaarlijk gekkenhuis en dat we een sterke man nodig hebben die er iets aan kan doen, die ons kan ‘beschermen’ zodat alles weer ‘veilig’ wordt. Op een gegeven moment verschenen er zelfs groot geprojecteerd op de achterwand de woorden: ‘Maak Amerika Weer Veilig’.

Hoezo veilig?

Waartegen moeten we in hemelsnaam worden beschermd dan? Tegen teveel hoger onderwijs? Tegen minder tienerzwangerschappen? Echt waar, ik stond perplex – wat nou veilig?

De hoeveelheid crimineel geweld is nog nooit zo laag geweest, er waren nog nooit zo weinig internationale oorlogen, huiselijk geweld neemt sterk af, net als alcoholgerelateerde verkeersdoden, sterfgevallen door infectieziekten en we hebben het laagste babysterftecijfer ooit. De kans dat je sterft doordat er een kast op je valt is groter dan om te komen door een terroristische aanslag.

Dus ik vraag me nogmaals af, beschermen waartegen?

En ik probeer niet enkel republikeinen af te zeiken. Het gevoel van onveiligheid lijkt universeel, ook al wordt het in andere taal verpakt. Hillary heeft het gehad over de noodzaak van het opvoeren van de oorlog tegen het terrorisme om ons te kunnen beschermen (over oxymoron gesproken2). “Ik kan me niet herinneren dat de wereld ooit in een ergere chaos verkeerde.” zei Lesley Stahl toen ze Trump en Mike Pence interviewde voor 60 Minutes, en de twee kandidaten waren het unaniem met haar eens.

Maar wacht nou eens even, alleen al tijdens mijn leven heb ik twee invallen in vreemde landen, vier oorlogen een handjevol omvergeworpen regeringen in het Midden-Oosten, 9/11, twee beurskrachs en de grootste economische crisis in 85 jaar, een genocide in Europa, de val van de Berlijnse muur, het einde van de Sovjetunie en een OJ Simpson-achtervolging meegekregen. En toch denken deze mensen dat we nu in de meest chaotische en gevaarlijke tijd leven die we ons kunnen herinneren.

En dat vindt dan een van ’s werelds meest hoog aangeschreven journalisten.

Het lijkt alsof we met z’n allen het gevoel hebben dat de wereld compleet gek geworden is, maar als je het objectief bekijkt leven we in de veiligste tijd sinds mensenheugenis.

En net als jij, net als bijna iedereen, had ik ook het gevoel dat de wereld aan het doordraaien was en dat we er niets aan konden doen. Ik heb ook genoeg van alle berichten over schietpartijen en aanslagen en bombardementen en de constante stroom verschrikkingen die er gebeuren. Ik ben ook murw en verdrietig door wat lijkt op een doorlopend bloedbad dat de planeet teistert.

En omdat ik dit gevoel nog nooit eerder heb meegemaakt is ook mijn eerste verklaring dat de wereld kennelijk verpest is, want tien of twintig jaar geleden voelde ik me niet zo. Dus het moet wel erger zijn nu, toch?

Maar de wereld is niet erger geworden. We zijn ons alleen veel bewuster van alle ellende dan ooit tevoren. Ta-Nehisi Coates duidt het zo: “Geweld is niets nieuws, de camera’s wel”.

Camera’s, internet en het allerbelangrijkste, sociale media. Die zijn nieuw. Dat is wat er veranderd is. Waar we onze informatie vandaan halen, welke informatie ons bereikt en, nog belangrijker, welke informatie vinden wij het delen waard.

In de aandachtseconomie worden mensen beloond voor extremisme. Ze worden beloond voor het uiten van de ergste vooroordelen en voor het inspelen op de grootste angsten van andere mensen. Ze worden beloond als ze zeggen dat de wereld in brand staat vanwege het homohuwelijk, politiegeweld, moslimterrorisme of de lage rentevoet. Internet geeft ons een platform waar apocalyptische denkbeelden worden omarmd en zich kunnen verspreiden en waar nuance en redelijkheid afgedaan worden als te moeilijk en te saai om te boeien.

Het doorlopend bewust zijn van ieder foutje en oneffenheidje van de mensheid in combinatie met de stortvloed aan doemdenkers en narcistische nihilisten die onze aandacht opeisen, is wat dit steeds aanwezige gevoel van een chaotische onveilige wereld oproept, die in werkelijkheid niet bestaat.

En dit gevoel veroorzaakt op zijn beurt de nieuwe golf van vreemdelingenhaat en nationalisme in de westerse wereld. Dit gevoel van onveiligheid en chaos is koren op de molen van verdeel en-heersmannen als Trump, Erdogan en Putin. Dit gevoel heeft het bewustzijn van miljoenen mensen aangetast en ervoor gezorgd dat ze hun land bekijken in de reflectie van een lachspiegel die alles uitvergroot wat fout is en alles wat goed is onzichtbaar klein maakt.

En dat stoort me. Dat mensen, ondanks dat we veiliger, rijker zijn en toegang hebben tot meer informatie dan ooit tevoren, toch het gevoel hebben dat de wereld in brand staat en dat er iets drastisch veranderd moet worden.

Maar we doen het allemaal. Wij draaien door. We zijn allemaal een voor een omgewaaid in de storm van negativiteit en staan op het punt de fundamenten van een van de meest succesvolle beschavingen in de menselijke geschiedenis af te breken.

Maar waarom? Hoe heeft het zover kunnen komen? En wat kunnen we er aan doen?

Het verborgen gevaar van een ‘wereldgemeenschap’

Inmiddels zijn we bekend met de praatjes uit de techwereld over hoe we de hele planeet met elkaar verbinden en dat de wereld steeds kleiner wordt en dat we een grote fijne halleluja gemeenschap worden en hoe fantastisch dit is want nu kunnen uitgehongerde kindjes in Mozambique en Suriname allemaal een iPad krijgen bla, bla, bla, internet is cool.

Begrijp me niet verkeerd, op een heleboel vlaken hebben internet en social media gezorgd voor sociale vooruitgang. Het heeft gezorgd voor een doorbraak in de rechten van LGBT’ers, het heeft discriminatie van vrouwen en minderheden aan de kaak gesteld en geholpen een aantal onderdrukkende regime’s omver te werpen.4

In feite zijn we al een wereldgemeenschap geworden doordat zoveel informatie wereldwijd bij zoveel mensen tegelijkertijd binnen kan komen. En een voordeel daarvan is dat als een zwarte man in Baltimore wordt vermoord of een verkrachter in Ohio wordt vrijgesproken, activisten en bezorgde burgers zich snel kunnen mobiliseren om het nieuws te verspreiden en de plaatselijke autoriteiten ter verantwoording kunnen roepen om verandering te eisen.

De brandstof voor deze mobilisatie is natuurlijk verontwaardiging.

Heftig nieuws verspreidt zich sneller en verder dan andere nieuwsberichten, waardoor ze ook dominant aanwezig zijn in onze dagelijkse hoeveelheid te verwerken informatie. Dat is tegelijkertijd een goede en een slechte zaak. Aan de ene kant worden we ons zo bewust van sommige ernstige onrechtvaardigheden in onze maatschappij zodra deze gebeuren. Aan de andere kant, het enige dat we nog meekrijgen zijn de ernstige onrechtvaardigheden in onze maatschappij zodra deze gebeuren.

Ik weet niet hoe de gouverneur van mijn staat heet, maar ik weet alles over de leugens en valse feiten van de Brexit ‘leave’ campagne. Ik zou niet weten wat de laatste doorbraak in kankeronderzoek is of hoe het onderwijssysteem van mijn stad doet om het leven hier te verbeteren, maar ik weet wel wat de buren en de vrouw van de Orlandoschutter van hem vonden. Ik zou niet weten wie de kandidaat voor het congres is van mijn district, maar ik weet wel dat een of andere rechtse  wapenactivist in Texas twee van haar dochters heeft vermoord om een kleinigheid.

Dat is onze mooie nieuwe wereld. Als alle informatie altijd met een enkele muisklik gratis verkrijgbaar is, dan gaat onze aandacht automatisch naar het meest zieke en groteske dat we kunnen vinden. En het meest zieke en groteske vindt op dezelfde manier zijn weg naar het gemeenschappelijk bewustzijn van het land waar het onze aandacht en de nieuwberichten domineert terwijl het ons in steeds verder gepolariseerde kampen verdeeld.

We zien slechts de meest extreme negatieve aspecten van bepaalde groepen mensen en krijgen zo een vertekend beeld van hoe de rest van de wereld echt denkt, handelt en leeft. Wanneer we geconfronteerd worden met de politie zien we de ergste 0,1 % van de politie. Wanneer we geconfronteerd worden met arme Afro-Amerikanen zien we de ergste 0,1 % van de arme Afro-Amerikanen. Wanneer we geconfronteerd worden met Moslimimmigranten zien we de ergste 0,1 % van de Moslimimmigranten. Wanneer we geconfronteerd worden met Moslimimmigranten horen we alleen over de ergste 0,1 % van de Moslimimmigranten. Wanneer we geconfronteerd worden met chauvinistische blanke klootzakken krijgen we slechts de ergste 0,1 % te zien en ook als we geconfronteerd worden met terecht woedende onrechtbestrijders, dan zien we alleen de ergste 0,1 %.

Dit soort foto’s hebben we allemaal al tientallen keren gezien op internet. Terwijl dit soort mensen waarschijnlijk maar 1/10000ste van de bevolking uitmaakt. Het gevolg is dat het voelt alsof iedereen een kwaaie gestoorde extremist is, vol met haat en geweld en dat de wereld naar de knoppen gaat. Terwijl de meeste mensen gewoon de stille middenmoot vertegenwoordigen en het op de meeste vlakken waarschijnlijk best met elkaar eens zijn.5

We demoniseren elkaar. We beoordelen hele groepen mensen op hun zwakste en meest verknipte leden. En om onszelf te beschermen tegen het ongefundeerde oordeel van anderen, blijven we in onze eigen groepen en stammen, vluchten we in onze eigen identiteit en nemen we en wereldbeeld aan dat ver verwijderd is van de statistische werkelijkheid en de harde feiten.

Daarom ben ik opgehouden het nieuws tot me te nemen via sociale media. Ik ben weggebleven van onzinnige ruzietjes en ‘betrapt’-stukken en ‘motejnoueskijken wat die guy in California heet gedaan’.

De enige manier om te ontsnappen aan de aandachtseconomie, is er van weg te blijven. En dan heb ik het niet over tijd verspillen met Pokémon Go of 12 maal dag je facebookfeed verversen. Het gaat niet om email die productiviteit op de werkvloer in de kiem smoort of om kinderen die hun aandacht niet meer bij hun schoolwerk kunnen houden. Het vindt nu ook zijn weg in ons politieke systeem en ik ben bang dat het daar onherstelbare schade aanricht.

In plaats daarvan probeer ik de wereld weer te begrijpen door middel van goed gefundeerde journalistieke stukken waar veel aandacht aan is besteed en waar grondig onderzoek aan vooraf gegaan is voordat het gepubliceerd werd. Ik train mijn hersenen om te focussen en oefen mijn concentratiespanne. Ik stretch mijn logica en daag mijn eigen waarden uit. En hou me vast aan een gezonde dosis twijfel.

Is dit lastig en kost het meer tijd? Zeker. Vinden mijn vrienden me een ouwe zeurpiet? Absoluut.

Maar het is de enige manier.

Het is de enige manier om te voorkomen dat ik gek word en om een vinger aan de pols van de realiteit te houden en niet aan het gevoel van de realiteit.

Vrijheid is niet gratis

Er is een gangbaar Amerikaans gezegde dat luidt ‘Vrijheid is niet gratis’. Het wordt meestal gebruikt in de context van de gewonnen (of verloren) oorlogen die de waarden van ons land moesten beschermen. Het is een manier om mensen te herinneren aan het feit dat dit niet zomaar is ontstaan, maar dat duizenden mensen hun leven hebben gegeven zodat wij hier op een terrasje te dure mocha-frappuccino’s kunnen drinken en zeggen wat we maar willen zeggen.

En het is waar.6

Men gaat er altijd vanuit dat we onze grondrechten zoals vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst en persvrijheid hebben verworven in een gevecht tegen een of andere externe boze macht.

Maar men vergeet gemakshalve dat vrijheid ook interne offers vraagt. Vrijheid kan alleen bestaan als je andere meningen dan jouw eigen mening tolereert. Als je wat van je eigen behoeften opgeeft voor een veilige en gezonde samenleving. En als je bereid bent compromissen te sluiten en te accepteren dat zaken soms niet gaan zoals jij wilt dat ze gaan en dat dat net erg is.

Gek genoeg bestaat totale vrijheid niet. Want de enige manier waarop grondrechten kunnen functioneren is als we het er met z’n allen over eens zijn dat alles niet altijd kan gaan zoals we willen.

Maar de afgelopen 20 jaar lijkt het wel of mensen vrijheid verwarren met gevrijwaard zijn van ongemak. Ze zijn de noodzakelijke interne strijd vergeten.

Ze willen de vrijheid om zichzelf te uiten, maar ze willen niet geconfronteerd worden met meningen die ze als kwetsend kunnen ervaren.

Ze willen vrijheid om te ondernemen, maar ze willen niet de belastingen betalen die het juridische apparaat bekostigd dat het allemaal mogelijk maakt. Ze willen de vrijheid om vertegenwoordigers te kiezen, maar willen geen compromis sluiten als ze de verkiezingen verliezen.

Een vrije, goed functionerende democratie vraagt om een bevolking die ongemak en ontevredenheid kan verdragen. Die vrijgevig en tolerant zijn jegens groepen wier standpunten tegengesteld zijn aan die van henzelf en het allerbelangrijkst, een bevolking die niet wijkt voor de dreiging van geweld.

Waar ik bang voor ben is dat het vermogen om om te gaan met ongemak en ontevredenheid afneemt. Er sluipt een soort mentaliteit over de wereld waarin men het recht denkt te hebben alles van de regering te kunnen eisen, en wel meteen, zonder rekening te houden met de gevolgen of met de rest van de bevolking.

Of zoals een commentaar in Reddit het laatst verwoordde: “Het lijkt wel alsof mensen geen democratie meer willen, ze willen een dictator die het met hen eens is.”

Maar de constante staat van lichte ontevredenheid – dat is wat echte vrijheid inhoudt. En als mensen daar niet meer tegenkunnen, ben ik bang dat we het straks kwijt zijn.

Voetnoten

  1. Nee, een rijke, narcistische, opportunistische demagoog die macht zoekt met behulp van een boodschap van angst en haat is helaas niet uniek of noemenswaardig in de politiek.
  2. Ze heeft ook een nieuw ‘Manhattan Project’ aangekondigd dat ons moet beschermen tegen cyberterrorisme – o ja, en om de overheid de mogelijkheid te geven overal ter wereld alle gecodeerde informatie te decoderen.
  3. Ik raad dit boek in zo ongeveer elk artikel aan, dus hier ook weer. Lees Steven Pinker’s The Better Angels of Our Nature. Een pil van 800 pagina’s over waarom we hoogstwaarschijnlijk in de minst gewelddadige en het meest vreedzame tijdperk van de menselijke geschiedenis leven.
  4. Niet te vroeg juichen, de nieuwe regeringen die ervoor in de plaats kwamen waren niet veel beter.
  5. Ik ben vaak verbaasd (en opgelucht) dat ondanks alle rotzooi die er de afgelopen acht jaar over hem is uitgestort, Obama’s waarderingscijfer maar boven de 50% blijft staan, een extreem hoge waardering voor een vertrekkend president.
  6. In zekere zin. De regel is tijdens mijn leven gebruikt om de interventies in het Midden-Oosten te rechtvaardigen en ik vraag me nog steeds af hoe Saddam dan een dreiging vormde tegen mijn blog, maar goed…